De taal van Eva Meijer weet ieder cliche over depressie te mijden

12 februari 2019
de-grenzen-van-mijn-taal.jpg

Eva Meijer (1980) is schrijver, filosoof en kunstenaar. Somberte drong al met vlagen het leven van Eva binnen toen ze nog maar 8 jaar oud was. Op haar 14de veranderden deze korte vlagen in een aanhoudende depressie die, met korte tussenpozen, tot haar 21ste zou duren.

In het zojuist verschenen essay De grenzen van mijn taal schrijft ze voor het eerst expliciet over het onderwerp. Scherpe analyses van haar ervaringen met depressie worden daarin afgewisseld met passages waarin ze aan de hand van Wittgenstein, Woolf, Sartre en andere denkers en schrijvers filosofeert over de gedachte aan zelfmoord, de relatie tussen creativiteit en ‘gekte’, het nut van therapie en medicijnen en de troost van dierlijk gezelschap.

Uiteindelijk vond Meijer een omgangsvorm met de depressie die haar vergezelt in de vorm van zelfzorg-technieken: wandelen, hardlopen, op tijd naar bed, hard werken en de eigen gedachten tussen haakjes zetten en relativeren.

Een depressie heeft trouwens ook zijn voordelen: het gaf Eva Meijer inzicht in de ‘zinloosheid en absurditeit van het bestaan’, waardoor ze zich niet meer druk maakt om oppervlakkige dingen. En het is een bron van inspiratie voor haar geweest: veel van haar tekeningen, liedjes en boeken zijn beïnvloed door het ‘donker’ dat ze in zich meedraagt.

 

Bronnen: Trouw , Volkskrant en NRC





Copyright by ProMind 2019. All rights reserved.